Dingen
Dingen
Ik geef toe: ik ben een rare. Ik weet niet of jullie dat ook hebben, en misschien is het wel typisch een jongenskwestie, maar ik ben ervan overtuigd dat dingen leven. Dat niets dood is. Dat in alles om ons heen leven huist. Nee, niet de kat, of de geraniums, nee: in dingen. Wat betekent dat ik kan vloeken tegen mijn computer als hij te langzaam werkt, of mijn auto net voor het starten, ik heb de sleutel al één kwartslag rondgedraaid, even de tijd gun om uit zijn slaap te ontwaken. Doe maar rustig aan. Ik kan dingen koesteren. Anderen noemen dat misschien “zuinig”, maar dat is het niet. Ik ben niet zozeer zuinig op spullen, ik ga er met eerbied mee om. Je kunt wild op je fiets rond hossen, maar uiteindelijk betaal je daar toch een prijs voor (slag in je wiel, zadel stuk, bagagedrager geknikt). Zo zit ik niet in elkaar. Ik praat niet tegen bomen, wel tegen schijnbaar dooie dingen. Ik bedoel, ze doen hun best, en als je dat laat merken, laten ze je niet meer in de steek. Geloof ik. Ha, daar is de baas! Wij hebben zo’n aardige baas! Zoiets. Gisteravond reed ik op de metro, naast het schrijven ben ik ook nog oproepkracht, en die oude bakken hebben soms de raarste kuren. Maar ik probeer ze te koesteren, lief voor ze te wezen (geen zooitje achter te laten in hun cabine en zorgen dat ze er tiptop uitzien). En ’s avonds geparkeerd op het rangeerterrein zeg ik ze liefdevol welterusten: ‘Dag trein!’ Geloof het of niet, maar ze staan dan te glimmen naar me. Van trots! Je denkt dat ik gek ben, maar probeer het maar. Kijk maar eens goed naar je liefste instrument, je leukste spel, de lekkerste stoel, je fiets of je scooter. Ze zijn er allemaal voor jou. En ze vinden niks leuker om zo nu en dan gecomplimenteerd te worden. Doe maar, let maar op!
Door: , 56 jaar geleden
endif; endforeach; ?>