Gerrit
Gerrit
Ook toevallig, van de week nog zijn laatste boek gekocht. Inderdaad, zijn laatste. Gerrit is dood. Gerrit Komrij. Daar komt het: dichter, prozaïst, criticus, polemist, essayist, vertaler, toneelschrijver en bloemlezer. En ouwe zeur. En blaaskaak, maar dat allemaal in positieve zin. In de oorlogsjaren geboren in een kippenhok; zijn roots heeft hij nooit verloochend: de man bleef kakelen. Als ik zijn kop op tv zag, als ik zijn krakende stem hoorde op de radio, dan hield ik altijd stil. Liet ik alles uit mijn handen vallen om naar het orakel te luisteren. De man heeft zo’n beetje alle literaire prijzen gewonnen die er te winnen vielen, maar zelf zei hij er dit over: ‘Ik wil helemaal geen prijzen winnen. Elke Nederlandse schrijver krijgt, als hij maar lang genoeg leeft en niet al te stom is, gewoon alle prijzen. Het zijn namelijk schaamprijzen: nu kunnen we niet meer om hem heen. Die moet ook eens een prijs.’ Hij spotte met alles en iedereen (Nederland noemde hij “Absurdistan”), maar ook met zichzelf. Ik zie hem nog gaan in die tv-reclame van een boekhandel (‘I’m a Salou bitch’), brilletje half op zijn neus. Zijn bibliografie is duizelingwekkend. Beroemd werd hij met “De Klopgeest”? “Over de Bergen”? “Verwoest Arcadië”? Of nee, met “Alle vlees is als gras”? Ach, nee, met de “Os op de klokketoren”, toch? Bekend werd hij als “Dichter des Vaderlands”, de eerste, waarbij hij grote Nederlandse gebeurtenissen in rijm diende te zetten, waarvan ik zijn gedicht over de dood van prins Claus de mooiste vind, de meest typerende. (De prins waarmee prinses Beatrix net na de oorlog trouwde en waarmee het volk in eerste instantie niet gelukkig was.) Het zegt veel over Claus, het zegt veel over ons, en het zegt veel over Komrij. “Met geweld en hatelijkheid verwelkomd? Vreemdeling te midden van volk dat niet vroeg naar wat hij zelf dacht. Oude wonden eerde hij prinsgewijs, door sinds die dag het volk tegemoet te treden met discretie, intelligentie, humor – vreemde talenten. Nu hij dood is lijkt ook zijn aard begraven: wrok en kleinheid maken opnieuw de dienst uit. Tranen zie ik? Valt van dit volk de rouwklacht nog te vertrouwen?”
Door: , 56 jaar geleden
endif; endforeach; ?>