ISS
ISS
Mijn oudste zag hem als eerst. ‘Kijk, daar!’ Toen zag de jongste hem, maar ik nog niet. Eergister. De jongste lag al in bed, maar ik had hem eruit gehaald en even mijn jas over zijn pyjama aan getrokken. Met z’n drieën stonden we op het balkon. De lucht was duister maar nog niet helemaal donker. En half bewolkt maar helder, ik zag hoog boven me een heldere ster. Ikzelf had hem een paar dagen daarvoor ook al gezien. Als een vliegtuig trok hij precies boven mijn hoofd een kaarsrechte lijn door de hemel. Maar zonder geknipper. En je kon zien dat hij veel hoger zat dan een vliegtuig, ook groter was. Omdat ik niettemin twijfelde, greep ik mijn verrekijker. Inderdaad, geen geknipper. Omdat ik bleef twijfelen, keek ik snel op internet waar hij ongeveer moest vliegen. Boven België. Op dezelfde tijd dat ik wat zag. Zo! Gaaf. Iemand maakte het me nog gemakkelijker door me te wijzen op een “trackings-app”. Tot op de seconde nauwkeurig. In welke richting, en hoe hoog, compleet met ingevuld kompas. De avonden daarop waren bewolkt. Eergisteren ging de reis over Spanje, hier dus laag over de horizon. Heel in de verte. Ook heel kort. Maar omdat mijn app erop wees dat het nu de laatste keer was, hij zou voor onbepaalde tijd niet meer zichtbaar zijn, trommelde ik de jongste uit bed. Met succes dus. Ook ik zag hem. Een vliegende ster net boven de flats uit. Gek. Wat zou André Kuipers nu doen? Slapen? Sporten? Beetje rommelen? Wetenschappelijk onderzoek doen? In ieder geval zweven. En mocht hij uit een raampje kijken, wat zou hij dan opmerken? De donkerte beneden hem? Of de opkomende zon aan zijn horizon? Zou hij de maan zien, en dan groter? De sterren, maar dan veel en veel meer? Mocht jullie daar ooit vliegen, zei ik mijn zonen, dan moet jullie maar aan dit moment terugdenken. Want voor ons is de ruimte nu nog die oneindige ruimte in de letterlijke zin van het woord. Maar voor jullie is het misschien straks wel benoemd en ingevuld als de sterrenlucht.
Door: , 56 jaar geleden
endif; endforeach; ?>