Jeugdtrauma


Geef je mening of reactie op deze blog-items.


Jeugdtrauma

Jeugdtrauma

zondag 1 januari 2012

Ben ik blij dat het weer voorbij is: oudejaarsavond. Dat ik heelhuids in 2012 ben aangekomen, pfffff. Nee, dat heeft niets met vuurwerk en vingers te maken, maar met het verleden. Hoe bij ons thuis ik oud en nieuw vierde. Mijn vader vol ergernis, mijn moeder doodzenuwachtig. Twaalf, dertien, veertien was ik. De toon werd gezet tijdens het bakken van de oliebollen. Het beslag moest rijzen, op de kolenkachel. In een pan, met een theedoek erop. Niks “Oliebollenmix” en “zelfrijzend” in de jaren zeventig; knoeien met bloem en gist. Dus niemand mocht bij het wonder in de buurt komen. Maar dan keek mijn vader toch stiekem onder die theedoek, of een van mijn broers. Plof! Beslag in elkaar geklapt. Dan aten we die avond bollen waar ik tot diep in het nieuwe jaar jeugdpuistjes van had. ‘Jullie hadden ook niet moeten kijken!’ brieste mijn moeder dan, ‘pestpokken-oliebollen!’
We woonden in Den Haag, wat de tweede helft van die avond bepaalde. Vreugdevuur! Pal voor onze voordeur. Het sloeg aan met kerstbomen, en ging via houten meubilair naar bromfietsen; de vlammen loeiden boven ons dak uit. Het geluid van de exploderende benzinetanks hoor ik nog. Het glas van onze ramen werd zo heet dat je je hand er niet tegen aan kon houden. Iedereen had lol, behalve wij. Mijn moeder wist zeker dat ons hele huis die nacht zou afbranden, ze kon wel huilen. Mijn vader keek machteloos naar de brandstichters, hij kon ze wel vermoorden! Zo stapten we over de drempel van het nieuwe jaar. Verder ben ik reuze gelukkig geworden, heus. Alleen de laatste dag van elk oudejaar zit me nog altijd dwars.

Dagboek overzicht

Jeugdtrauma

Jeugdtrauma

Ben ik blij dat het weer voorbij is: oudejaarsavond. Dat ik heelhuids in 2012 ben aangekomen, pfffff. Nee, dat heeft niets met vuurwerk en vingers te maken, maar met het verleden. Hoe bij ons thuis ik oud en nieuw vierde. Mijn vader vol ergernis, mijn moeder doodzenuwachtig. Twaalf, dertien, veertien was ik. De toon werd gezet tijdens het bakken van de oliebollen. Het beslag moest rijzen, op de kolenkachel. In een pan, met een theedoek erop. Niks “Oliebollenmix” en “zelfrijzend” in de jaren zeventig; knoeien met bloem en gist. Dus niemand mocht bij het wonder in de buurt komen. Maar dan keek mijn vader toch stiekem onder die theedoek, of een van mijn broers. Plof! Beslag in elkaar geklapt. Dan aten we die avond bollen waar ik tot diep in het nieuwe jaar jeugdpuistjes van had. ‘Jullie hadden ook niet moeten kijken!’ brieste mijn moeder dan, ‘pestpokken-oliebollen!’
We woonden in Den Haag, wat de tweede helft van die avond bepaalde. Vreugdevuur! Pal voor onze voordeur. Het sloeg aan met kerstbomen, en ging via houten meubilair naar bromfietsen; de vlammen loeiden boven ons dak uit. Het geluid van de exploderende benzinetanks hoor ik nog. Het glas van onze ramen werd zo heet dat je je hand er niet tegen aan kon houden. Iedereen had lol, behalve wij. Mijn moeder wist zeker dat ons hele huis die nacht zou afbranden, ze kon wel huilen. Mijn vader keek machteloos naar de brandstichters, hij kon ze wel vermoorden! Zo stapten we over de drempel van het nieuwe jaar. Verder ben ik reuze gelukkig geworden, heus. Alleen de laatste dag van elk oudejaar zit me nog altijd dwars.

Reacties ()

comment_approved == 1): ?>

Door: , 56 jaar geleden


Reageren

Wil je reageren? Kom maar op!

Ingelogd als . Log uit »




(niet zichtbaar voor publiek)



Reageren is niet (meer) mogelijk.

Dagboek overzicht