Klee
Klee
Het was loeidruk, maar dat was het al de hele tijd. Hier bij het Cobramuseum, bij mij om de hoek. Met Pasen stond er zelfs al voor openingstijd een rij van jewelste. Waar gaat het om? Hierom. In 1948 was er een overzichtstentoonstelling van Paul Klee in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Klee was toen al acht jaar dood, maar zijn schilderkijk op het leven was opzienbarend. Hij schilderde, zeg maar, met de onschuld van een kind. Die tentoonstelling toen sloeg in als een bom; niet alleen bij het grote publiek maar ook bij kunstenaars zelf. Een aantal van hen vormde later een groepje, en ze kwamen uit Kopenhagen, Brussel, en Amsterdam. Ze noemden zich “Cobra”; sommigen ken je wel. Denk ik, hoop ik. Corneille, Appel. Nou? Zoek ze anders maar op. Vol kleur en vol leven. Veel van die schilderijen of zeefdrukken zijn echt grappig om te zien. Vandaar dat op die expositie in het Cobramuseum het woord “leuk” vaak viel. Had ik er per uitgesproken “leuk” één euro voor gekregen, was ik nu rijk, man. Soms hingen Klee en Appel naast elkaar, om te laten zien hoe Appel zich had laten beïnvloeden door Klee. Denk niet dat dat verkeerd is. Is niks mis mee, als je vervolgens maar met die invloed aan de slag gaat. Daaruit je eigen stijl gecreëerd. Heeft Appel ook gedaan. Je herkent zijn schilderijen overal; volstrekt eigen gezicht. Maar waarom vertel ik dit nu? Omdat er op die tentoonstelling ook kindertekeningen te zien waren, met name dus van Paul Klee. Twee dingen vielen gelijk op. 1) Dat hij als kind al onwijs gaaf kon tekenen, dus blijkbaar zat het in zijn bloed. 2) Dat hij vervolgens een geheel andere weg is ingeslagen. Als kind tekende hij namelijk als een volwassene, en als volwassene tekende hij weer als een kind. Dat maakt zijn werk niet alleen verfrissend en voor die tijd revolutionair, maar het ademt ook een belangrijke boodschap; ik hoor het hem zeggen: Hoe oud je ook wordt, wat je ook doet, verlies nooit en te nimmer het kind in je!
Door: , 56 jaar geleden
endif; endforeach; ?>