Schaven


Geef je mening of reactie op deze blog-items.


Schaven

Schaven

zaterdag 10 november 2012

Soms voel ik me net een beeldhouwer, ik hou die vergelijking ook vaak voor in klassen als ik daar op schoolbezoek ben. Ik bedoel, waar stop je? Waar blijf je door schaven? Wanneer is het beeld klaar? In jouw ogen? Of in de ogen van het publiek? Soms kan iets prachtig zijn als het rauw blijft, onaf. Ga maar kijken naar Zadkine in Rotterdam, de man zonder hart als een stad zonder hart; een verwijzing naar het bombardement op (hier stond eerst: “van”, voel je het verschil?) Rotterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, waarbij het centrum werd weggevaagd. Soms kan iets prachtig zijn als het uiterst verfijnd is geworden, gepolijst. Ga maar kijken naar David in Florence. Bezie zijn handen, zijn aderen (ik twijfel over het woord “bloedvaten”, maar ik vind “aderen” toch iets krachtiger klinken), de nagels. Wanneer neem je genoegen met het schaven (“schuren” is beter, maar je zegt niet “het schuren van een tekst”…) van de steen; nu is het beeld klaar. Wanneer neem je genoegen met het schaven van je tekst; nu is het verhaal af. Ik ken schrijvers, die schrijven (vond ik wel mooi zo achter elkaar: schrijvers die schrijven) een verhaal, zetten een punt, klaar. Lezen het niets eens na. Zo zit ik niet in elkaar. Voor mij begint het dan pas. Ik zeg altijd: de eerste versie komt uit mijn hart, de tweede uit mijn verstand (“via” is beter, maar twee keer “uit” vind ik wat directer). Ik hou van het herschrijven, misschien nog wel meer dan van het schrijven op zich. “Verstommen” is iets anders dan “zwijgen”. Soms is het bijna niet uit te leggen, maar gaat het om een gevoel. Het past beter in een tekst. Net als muziek. Het gaat om de toon, om het juiste woord. Soms schiet ik door, draai ik het terug. (Twee keer “soms” achter elkaar geeft mijn overpeinzing aan.) Afhankelijk van mijn stemming ook, ook (dit vind ik gewoon leuk) heel belangrijk. Ik ben nu bezig met Simon, mijn tegenspeler van Jimmy. Om hem iets naïever te maken, om hem meer te laten groeien in het verhaal. Dat past beter. Daardoor moet hij iets jonger worden. Maar dat betekent ook dat hij de wereld om zich heen (haal hier “iets” weg; te vaak gebruikt) anders ziet. Schaven. Kijken of het mooier kan, beter kan. Hetzelfde geldt ook voor deze tekst. Daar ga ik nu mee beginnen. (Ten behoeve van de tijd, stop ik nu. Al zou ik nog uren door kunnen gaan. Het kan altijd beter. Wanneer stop ik?)

Dagboek overzicht

Schaven

Schaven

Soms voel ik me net een beeldhouwer, ik hou die vergelijking ook vaak voor in klassen als ik daar op schoolbezoek ben. Ik bedoel, waar stop je? Waar blijf je door schaven? Wanneer is het beeld klaar? In jouw ogen? Of in de ogen van het publiek? Soms kan iets prachtig zijn als het rauw blijft, onaf. Ga maar kijken naar Zadkine in Rotterdam, de man zonder hart als een stad zonder hart; een verwijzing naar het bombardement op (hier stond eerst: “van”, voel je het verschil?) Rotterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, waarbij het centrum werd weggevaagd. Soms kan iets prachtig zijn als het uiterst verfijnd is geworden, gepolijst. Ga maar kijken naar David in Florence. Bezie zijn handen, zijn aderen (ik twijfel over het woord “bloedvaten”, maar ik vind “aderen” toch iets krachtiger klinken), de nagels. Wanneer neem je genoegen met het schaven (“schuren” is beter, maar je zegt niet “het schuren van een tekst”…) van de steen; nu is het beeld klaar. Wanneer neem je genoegen met het schaven van je tekst; nu is het verhaal af. Ik ken schrijvers, die schrijven (vond ik wel mooi zo achter elkaar: schrijvers die schrijven) een verhaal, zetten een punt, klaar. Lezen het niets eens na. Zo zit ik niet in elkaar. Voor mij begint het dan pas. Ik zeg altijd: de eerste versie komt uit mijn hart, de tweede uit mijn verstand (“via” is beter, maar twee keer “uit” vind ik wat directer). Ik hou van het herschrijven, misschien nog wel meer dan van het schrijven op zich. “Verstommen” is iets anders dan “zwijgen”. Soms is het bijna niet uit te leggen, maar gaat het om een gevoel. Het past beter in een tekst. Net als muziek. Het gaat om de toon, om het juiste woord. Soms schiet ik door, draai ik het terug. (Twee keer “soms” achter elkaar geeft mijn overpeinzing aan.) Afhankelijk van mijn stemming ook, ook (dit vind ik gewoon leuk) heel belangrijk. Ik ben nu bezig met Simon, mijn tegenspeler van Jimmy. Om hem iets naïever te maken, om hem meer te laten groeien in het verhaal. Dat past beter. Daardoor moet hij iets jonger worden. Maar dat betekent ook dat hij de wereld om zich heen (haal hier “iets” weg; te vaak gebruikt) anders ziet. Schaven. Kijken of het mooier kan, beter kan. Hetzelfde geldt ook voor deze tekst. Daar ga ik nu mee beginnen. (Ten behoeve van de tijd, stop ik nu. Al zou ik nog uren door kunnen gaan. Het kan altijd beter. Wanneer stop ik?)

Reacties ()

comment_approved == 1): ?>

Door: , 56 jaar geleden


Reageren

Wil je reageren? Kom maar op!

Ingelogd als . Log uit »




(niet zichtbaar voor publiek)



Reageren is niet (meer) mogelijk.

Dagboek overzicht